Dossier: Led-verlichting

Leds nemen steeds meer de plaats in van gloei-, halogeen- en spaarlampen. Led-lampen worden door velen dan ook aanzien als de verlichting van de toekomst. Daarom geven wij in dit dossier meer uitleg over de werking, eigenschappen en de toepassingen van led-verlichting.


Dossier: Led-verlichting





select distinct a.id from categories c right join ez_artikels_cat ac on ac.scat_id=c.ID left join ez_artikels a on a.id=ac.artikel_id where c.active_bz=1 and a.active=1 and a.datum_online<=curdate() and a.parentid=6253 and a.type<>10 order by a.dossier_volgorde

select distinct a.id, a.title, a.title_fr, a.hcatid, a.content, a.content_fr, a.content_short, a.content_short_fr, a.fotonaam, year(a.created)-2000 jaarcode, a.type, a.datum_online, a.main_image from categories c right join ez_artikels_cat ac on ac.scat_id=c.ID left join ez_artikels a on a.id=ac.artikel_id where c.active_bz=1 and a.active=1 and a.datum_online<=curdate() and a.parentid=6253 and a.type<>10 order by a.dossier_volgorde

1. Led: een woordje uitleg
Led-lampen zijn al een hele tijd op de markt, maar vele vragen blijven bestaan. Een woordje uitleg.
Wat is led?
Led staat voor Light Emitting Diode (lichtuitstralende diode). Een led-lampje is een stukje halfgeleidertechniek dat licht geeft als er stroom doorheen loopt. Die techniek ligt aan de basis van heel wat moderne elektronica en is gebaseerd op het manipuleren van de eigenschappen van een minuscuul stukje silicium of germanium. Bij een led leidt dat ertoe dat een zeer kleine hoeveelheid materiaal licht uitstraalt in een heel specifieke kleur, en dit al bij een klein beetje stroom. De lichtbron is zo klein dat er eigenlijk maar een klein puntje licht geeft. Daardoor is het licht gemakkelijk te bundelen tot een gerichte straal. Een led-lamp heeft om deze reden ook zijn specifieke halve bolvorm meegekregen: op die manier wordt het licht samengebracht tot een heldere straal.

Licht bij led-lampen
Van nature uit kunnen led-lampen enkel monochromatische kleuren produceren. Om wit licht te bekomen, worden twee of meer kleuren gecombineerd. Een mogelijke oplossing is het mengen van rood, groen en blauw lichtgevende chips in eenzelfde led, ook bekend als RGB-leds. Dit systeem kan ook toegepast worden door drie afzonderlijke leds (een rood, een groen en een blauw) dicht bij elkaar te zetten, waardoor de optische menging van die drie kleuren wit licht geeft.

Een algemenere benadering is om leds die blauw licht uitzenden te bedekken met fluorescentiepoeder dat een deel van het blauwe licht omzet in geel licht, wat uiteindelijk in combinatie wit licht geeft. Deze witte leds hebben kleurtemperaturen van 4500 tot 8000 Kelvin (K). Een veel voorkomende kritiek op led is dan ook dat het gecreŽerde licht te fel en 'koud' is. Ter vergelijking: een gloeilamp heeft een warme kleurtemperatuur die tussen 2700 K en 3200 K ligt. Als oplossing hiervoor worden diverse fluorescentiepoeders gebruikt, waardoor het blauwe licht in meerdere kleuren wordt omgezet. Hierdoor wordt de kleurweergave-index van de lampen sterk verbeterd.

Overstappen naar led of niet?
Hoewel led-lampen duurder in aankoop zijn dan gloeilampen, spaarlampen en halogeenlampen, zijn ze op langere termijn een pak voordeliger. Dat heeft te maken met de combinatie van een lange levensduur en een laag verbruik.

De branduren lopen al snel op tot 10000 uur en meer, met uitschieters tot 50000 uur. Vervangings- en/of onderhoudskosten zijn er tijdens de levensduur immers bijna niet. Leds zijn ook een pak zuiniger dan alle andere lampen. Led-lampen werken niet enkel op een laag voltage, maar springen ook nog eens heel efficiŽnt om met die energie. Zo gaat er een pak minder energie verloren aan warmteproductie in vergelijking met andere lampen.

Om de terugverdientijd beperkt te houden, pas je led-verlichting wel best toe op de juiste plaatsen! Gebruik ze bij voorkeur in ruimtes waar de verlichting een hele tijd is ingeschakeld.

Een andere belangrijke reden waarom led steeds meer toepassingen vindt, ligt bij de Europese wetgeving. In 2008 besloot de Europese Unie immers dat er tegen 2016 geen gloeilampen en halogeenlampen met energielabel C of lager meer verkocht mogen worden, en dus zetten fabrikanten volop in op andere lichtbronnen, zoals led. De laatste jaren hebben verschillende bedrijven dan ook allerlei vorderingen gemaakt op het vlak van onder meer de kleurtemperatuur, weergave van verschillende kleuren, verlichtingssterkte en het gebruik van dimmers.
2. Led-verlichting: voordelen en nadelen
Led-verlichting heeft een heleboel voordelen, maar ook enkele nadelen. Wij zetten de belangrijkste even op een rij.
Voordelen

  • Energiezuining en dus goed voor de portemonnee
    Led-verlichting werkt op een laag voltage en is daardoor bijzonder energiezuinig (doorgaans 1 tot 5 watt per led). Ze hebben een hoge lumen/watt verhouding waardoor zeer efficiŽnt met de energie wordt omgegaan.

    In vergelijking met een gloeilamp verbruikt een led-lamp een stuk minder elektriciteit: de elektrische energie wordt immers rechtstreeks omgezet in licht, en de warmteproductie is gering. Eťn jaar continue gebruik van het led-licht zou bijvoorbeeld maar 2 euro kosten; veel minder dan een gloeilamp die makkelijk 50 euro haalt. In theorie kan een led 100% van de elektrische energie omzetten in licht; in de praktijk ligt de efficiŽntie van leds ergens tussen die van gloeilampen en fluorescentielampen.

  • Duurzaam en onderhoudsvrij
    Met een levensduur van soms wel honderdduizend branduren dient led-verlichting niet zo snel vervangen te worden. Halogeenverlichting moet het doorgaans stellen met 3000 branduren. Leds bevatten geen gloeidraad, die vaak stuk gaat bij traditionele verlichting. Daarom is led-verlichting handig op plaatsen die moeilijk bereikbaar zijn zoals bepaalde tuinverlichting.

    De lange levensduur biedt een heleboel voordelen voor openbare ruimtes, hotels en verlichting van hoge ruimtes zoals inkomhallen en trappenhuizen. De verlichting van bijvoorbeeld hotelkamers is goedkoper en bovendien lopen hotelgasten minder het risico dat ze geconfronteerd worden met kapotte lampen. Het vervangen van lampen in hoge ruimtes zoals trappenzalen en bioscopen is ook minder vaak nodig, zodat het laddergebruik sterk beperkt wordt.

  • Slagvast en schokbestendig
    De led-lampjes zijn haast onbreekbaar en schokbestendig, en zijn ook goed bestand tegen koude en trillingen. De gebruikte halfgeleider zit mooi 'verpakt' in een omhulsel van epoxyhars, dat waterbestendig is.

  • Koel en dus veilig
    Led-verlichting geeft niet veel warmte af, waardoor het een zeer kindvriendelijke verlichting is.

  • Geen straling
    Led-verlichting geeft geen ultraviolette of infrarode straling af. Dat maakt de lichtgevende diodes geschikt voor toepassingen in voeding of textiel, of om oude voorwerpen in musea te verlichten.

  • Geschikt voor sfeerverlichting en andere verlichtingseffecten
    Via de techniek van de veranderende kleuren, kan je oneindig met kleuren spelen. RGB-leds combineren immers de drie kleuren rood, groen en blauw in ťťn behuizing waardoor de creatie van het hele kleurenspectrum mogelijk wordt. Doordat led-verlichting richtbaar en programmeerbaar is, kan de kleurintensiteit en -mengeling snel aangepast worden.

  • Geschikt voor monochrome toepassingen
    Leds zijn heel geschikt voor monochrome toepassingen, omdat het licht niet dient gefilterd te worden. Een gloeilamp met een lichtfilter is minder helder dan een led-lampje in de juiste kleur.

  • Miniatuur lichtbron
    Ze zijn bijzonder klein en compact. Ontwerpers kunnen daarom bijzonder creatieve armaturen ontwerpen.

  • Snelle responstijd (ideaal voor digitale sturing)
    Heeft geen 'opwarmtijd' nodig zoals dat bij een spaarlamp of TL-lamp het geval is.

Nadelen

  • De lichtoutput
    De huidige leds zenden beperkt licht uit en dit vaak in een beperkte hoek, terwijl gloeilampen en fluorescentielampen licht naar alle kanten uitstralen. Dit wordt opgelost door meerdere led-lampjes te groeperen in de armaturen.

  • De hoge prijs van led-verlichting
    De huidige led-verlichting is drie- tot tienmaal duurder in aankoopprijs dan andere verlichtingsbronnen.

  • Kleurtemperatuur
    De kleurtemperatuur van witte leds is lang onstabiel en vrij koud (5000 K) gebleven. Een aantal armaturen werken ondertussen wel met gloeilamplicht : ca. 3000 K.
3. Door welke leds vervang ik mijn oude lampen? fotospecial
Het is niet altijd evident om de juiste led-lampen te kiezen die je oude lampen moeten vervangen. Wij zetten daarom enkele mogelijkheden even op een rij.
4. Altijd de juiste lamp met de Philips LED Lamp Finder-app
De laatste jaren is er een ware overrompeling van led-lampen aan de gang, waardoor het niet altijd gemakkelijk is om de goede keuze te maken. Om je daar een handje bij te helpen, lanceerde Philips een applicatie voor je smartphone. Wel enkel met Philips-producten...
De LED Lamp Finder-app biedt eenvoudige tips over een aantal led-verlichtingopties en helpt je zo de led-lamp te kiezen die het beste bij jouw levensstijl en eisen past. De applicatie geeft ook advies over het lichtrendement en het lichtniveau dat je wenst te bereiken. Vervolgens kan je gewoon de catalogus van Philips-lampen doorbladeren en je keuze maken.

Nog handiger is om de vervangingsprocedure te volgen: je kiest een basislamp waarvoor je de fitting of lampvoet aanduidt en het lichtrendement instelt en vervolgens geeft de applicatie je een lijst met lampen die aan je criteria voldoen. Daarna hoef je enkel nog een lamp te kiezen.

De tool rekent ook het aantal watt om naar lumen (de maateenheid voor het geproduceerde licht) en geeft tips voor een optimale belichting van elke kamer in je woning. De app stelt niet alleen specifieke lampen voor uit het gamma led-producten van Philips, maar geeft ook belangrijke kenmerken en voordelen waarmee je rekening moet houden wanneer je overstapt tot de aankoop van led-lampen.

De app is gratis te downloaden voor iOS en Android op www.seewhatlightcando.philips.com.
5. Vijf misverstanden over leds
Over led-lampen gaan allerlei verhalen de ronde, die niet altijd waar zijn. Onderstaand lijstje somt de meest hardnekkige misverstanden over deze lampen op.
Misverstand 1: leds gaan levenslang mee
Net als alle lichtbronnen, vermindert de kracht van led-lampen naarmate ze ouder worden. De afzwakking van de lichtstroom wordt vastgelegd door de led minstens 6000 uur te testen. De lichtstroom kan afzwakken door onder meer de warmte die de lamp genereert. Het lichtbehoud beschrijft hoe lang een lichtbron een bepaald percentage van zijn originele lichtoutput behoudt.

Leds met wit licht die gebruikt worden voor gewone verlichting, zijn op het einde van hun levensduur als ze minder dan 70% van de originele output geven. Bij licht (zowel wit als gekleurd) dat gebruikt wordt om een bepaald voorwerp te accentueren ligt de grens op 50%. De meeste leds blijven gedurende 50 000 branduren boven de 70%. Mochten deze lampen 24 uur per dag branden, hebben ze dus een levensduur van ongeveer zes jaar. Ter vergelijking: een halogeenlamp haalt ongeveer 2000 branduren, een spaarlamp zo'n 6000 uur. Een gloeilamp haalt er slechts 1000.

Misverstand 2: leds zijn niet fel genoeg
Als je de lumenoutput van conventionele lampen vergelijkt met die van de meeste led-lampen, lijkt het alsof leds minder licht produceren dan andere lampen. Dat is echter een misleidende vergelijking, want er wordt geen rekening gehouden met het licht dat bij conventionele verlichting eigenlijk verloren gaat.

Daarom is het beter om naar de verlichtingssterkte te kijken: het licht dat een lamp naar een bepaalde oppervlakte uitschijnt. Op die manier is het mogelijk te vergelijken welke lamp het meeste licht op het gebied krijgt dat je wil verlichten. Aangezien de lichtstraal bij led-lampen gebundeld wordt, zenden deze lampjes bijna al hun licht in dezelfde richting. Wanneer de verlichtingssterkte bekeken wordt, hebben leds vaak even goede als en soms zelfs veel betere resultaten dan andere lampen,terwijl ze veel minder energie verbruiken.

Misverstand 3: led-lampen genereren geen warmte
Omdat ze geen infrarood licht uitstralen, is de lichtstraal van een led niet warm. Dat wil echter niet zeggen dat de lampen geen warmte aanmaken. Bij led-verlichting wordt warmte geproduceerd bij het overzetten van elektriciteit naar licht. Die warmte wordt echter weggeleid naar de achterzijde van de leds. Er wordt dus wel degelijk warmte aangemaakt, maar die wordt niet door de lamp zelf opgenomen. Op die manier zal je je dus niet snel verbranden aan led-lampen.

Misverstand 4: led-verlichting is te duur
Hoewel de aankoopprijs van de meeste led-lampen duurder is dan die van gloei-, halogeen- en fluorescentielampen, zijn leds eigenlijk voordeliger dan andere verlichtingssystemen. De initiŽle kost mag dan wel hoger liggen, het gebruik van leds komt veel goedkoper uit op langere termijn. Omdat ze zolang meegaan, moeten led-lampen veel minder vervangen worden dan alle andere lampen. Bovendien zijn ze veel energie-efficiŽnter, waardoor ze zelfs tot 80% minder energie verbruiken. Daardoor is de uiteindelijke kost voor led-lampen veel lager dan andere systemen. Het is zelfs zo dat je na ongeveer twee ŗ drie jaar je led-verlichting al terugverdiend hebt.

Misverstand 5: leds hebben een slechte lichtkwaliteit
Om de kwaliteit van wit licht te meten, wordt rekening gehouden met twee criteria: de kleurtemperatuur (CCT) en de kleurweergave-index (CRI). De kleurtemperatuur beschrijft of het witte licht een warme (roodachtig), neutrale of koude (blauwachtig) schijn heeft. Hoewel het licht van leds door velen nog als koud beschreven wordt, is de kleurtemperatuur een van de grootste aandachtspunten voor fabrikanten van leds. Veel bedrijven passen daarom verscheidene selectiemethodes toe om een consistente kleur te ontwikkelen, die ook warmer aanvoelt.

De kleurweergave-index geeft aan hoe goed een lamp de kleuren van een object weergeeft in vergelijking met een ideale lichtbron, zoals de zon. De eenheid van CRI is Ra en hierbij is 100 Ra de beste score. De meeste kantoren, winkels, scholen en ziekenhuizen hebben een CRI tussen de 70 en 90 nodig. De meeste leds die vandaag op de markt zijn produceren een CRI van 80 of meer, vergelijkbaar met halogeenlampen en sommige fluorescentielampen.

Deze twee maatstaven zijn echter niet waterdicht, want er zijn ook led-lampen beschikbaar die, ondanks een lage CRI-score, een visueel mooi licht produceren. Daarom wordt er momenteel gewerkt aan een Color Quality Scale (CQS), een kleurweergave-index speciaal op maat voor led-lampen. Het is dus aangeraden om led-verlichting altijd eerst met je eigen ogen te bekijken.
6. Led-verlichting: enkele termen uitgelegd
Het vakjargon binnen de wereld van verlichting kan soms misleidend en verwarrend zijn. Daarom zetten we enkele veelgebruikte termen even op een rijtje.
Led-lampen zijn halfgeleiders, wat betekent dat ze minder goed elektrische stroom geleiden dan metalen, maar wel beter dan isolatoren zoals glas en plastics. Leds zenden van nature een monochromatisch licht uit. Dat is licht van slechts een golflengte en dus maar een kleur. Wit licht wordt bekomen door verschillende kleuren in de chip van de led te verwerken, door verschillende leds optisch te mengen of door gebruik te maken van fluorescentiepoeders.

Eens er wit licht is bekomen, moet dat licht op een goede manier verdeeld worden. De lichtstroom drukt de totale hoeveelheid licht uit die per seconde in alle richtingen wordt uitgestraald door een lichtbron, terwijl de lichtsterkte gedefinieerd wordt als de lichtstroom die in eenzelfde richting wordt uitgestraald. Met verlichtingssterkte wordt dan weer de hoeveelheid licht bedoeld die op een standaard oppervlakte-eenheid (bijvoorbeeld een tafel of een boek) valt. Meet je de luminantie, dan bekijk je de hoeveelheid licht die door eenzelfde standaard oppervlakte-eenheid in een bepaalde richting wordt uitgestraald.

Niet alleen de hoeveelheid licht is belangrijk, er moet ook rekening gehouden worden met de kleureigenschappen van dat licht. Zo geeft de kleurweergave-index aan hoe goed een lichtbron de kleuren van een object weergeeft in vergelijking met een lichtbron met een ideaal kleurenspectrum, zoals de zon. Kleurweergave is een belangrijk aspect van kunstlicht. Twee lichtbronnen die hetzelfde witte licht lijken uit te schijnen, kunnen de kleuren van objecten helemaal anders weergeven. Zo zal een rode doek pas echt rood lijken als die wordt bekeken onder een wit licht dat bestaat uit een continu spectrum. Bekijk je diezelfde rode doek onder wit licht dat bestaat uit een samenstelling van geel en blauw licht, dan zal die er grijsachtig bruin uitzien. De eenheid van kleurweergave is Ra.

Lichtbronnen met een Ra lager dan 60 hebben slechte kleurweergave-eigenschappen, terwijl een kleurweergave tussen de 90 en 100 Ra als uitstekend wordt aanzien. De meeste led-lampen hebben vandaag een kleurweergave-index van rond de 80 Ra.

Ook de kleurtemperatuur is een belangrijk aspect van verlichting. Daaronder verstaan we de kleurimpressie van een zwarte straler bij bepaalde temperaturen. Omdat wit licht bestaat uit een samenstelling van verschillende kleuren, zijn niet alle kleuren wit hetzelfde. Het witte licht is dus afhankelijk van de kleuren waaruit het samengesteld is. Een wit met een groter aandeel rood zal warm lijken, terwijl wit met een groter aandeel blauw net kouder lijkt. Om de verschillende types wit licht te kunnen aanduiden, wordt het concept van de kleurtemperatuur toegepast.

Materialen die verhit worden tot een temperatuur van 1000 K (=Kelvin) hebben een rode kleurindruk, bij 2000 K tot 3000 K lijken ze geel. Bij 4000 K ervaren we een neutraal wit en hoger dan 5000 K koel wit. Hoe hoger de kleurtemperatuur, hoe koeler het licht lijkt. Fabrikanten van led-lampen voorzien de dag van vandaag verschillende kleurtemperaturen, zodat je voor elke ruimte wel de juiste lamp kan kiezen.

Enkele voorbeelden van kleurtemperaturen:

  • Kaarsen††††††††††††††††††††††† 1900 - 2500 K
  • Fluorescentielampen††††† 2700 - 6500 K
  • Metaalhalogeenlampen† 3000 - 5600 K
  • Maanlicht††††††††††††††††††††† 4100 K
  • Zonlicht††††††††††††††††††††††† 5000 - 5800 K
  • Daglicht (helder)†††††††††† 5800 - 6500 K
Vandaag de dag beschikken bijna alle led-lampen over het Retrofit-systeem, waarbij deze voorzien zijn van het indraai- of kliksysteem dat ook bij oudere lampen terug te vinden is. Door dit systeem toe te passen is het mogelijk om gemakkelijk over te schakelen naar een nieuw soort lamp (bijvoorbeeld van een oude gloeilamp naar een led-lamp) zonder dat je daarvoor een nieuwe armatuur hoeft te kopen. De lampvoet van nieuwere lampen is dus een op een dezelfde als die van de oudere. De uitfasering van de gloeilamp verloopt op die manier een pak gebruiksvriendelijker.

De Europese Unie besloot in 2008 namelijk dat tegen 2016 alle oude gloei- en halogeenlampen vervangen dienen te worden door meer milieuvriendelijke alternatieven. Om dat te bereiken, is sinds september 2009 een uitfasering aan de gang, waarbij de gloei- en halogeenlampen geleidelijk aan van de markt en uiteindelijk ook uit de huiskamers gehaald worden. Op dit moment is het niet meer toegelaten om matte gloei- en halogeenlampen te produceren, al mogen die in principe wel nog verkocht of gebruikt worden. Ook gloeilampen met wattages hoger dan 40W en halogeenlampen boven de 60 lm zijn niet langer toegestaan. Stelselmatig zullen ook alle andere gloeilampen en halogeenlampen die niet het energielabel A of B hebben, niet meer toegelaten worden. Op die manier moeten tegen september 2016 alle lampen energie-efficiŽnter zijn en dus beter zijn voor het milieu.
7. De nieuwste armaturen voor led-lampen fotospecial
Met led-verlichting kan je alle kanten uit. Fabrikanten brengen dan ook regelmatig creatieve armaturen op de markt, die de voordelen van leds in de verf zetten. Wij geven een overzicht van enkele van de nieuwste armaturen.
8. Oled: de toekomst van led
Hoewel vele fabrikanten en bedrijven volop voor de verbetering van led-lampen en led-verlichting gaan, is er al sprake van een opvolger: de oled of organische led.
De laatste jaren is de led-verlichting er op alle vlakken op vooruit gegaan: de verlichtingssterkte is beter, de kleurtemperatuur wordt steeds aangenamer, led-lampen gaan steeds langer mee en verbruiken steeds minder energie en er zijn zelfs al dimbare leds op de markt. Maar ondanks deze vooruitgang zou led-verlichting wel eens sneller voorbijgestreefd kunnen zijn dan verwacht. De reden hiervoor hoeven we niet ver te zoeken, want wat door velen gezien wordt als de opvolger van leds, de oled-technologie, steunt deels op het principe van leds.

Net als led (Light Emitting Diode) is oled (Organic Light Emitting Diode) een deel van de familie van de halfgeleiderlichtbronnen. Maar terwijl led een felle puntbron is, is oled een grote-vlakkenstraler. Dat betekent dat oleds beter gebruikt kunnen worden om een bepaald oppervlak een kleur te geven, en niet om met een gerichte straal iets te accentueren. Oled geeft dan ook een zacht en diffuus licht, dat egaal over het oppervlak verspreid wordt.

De emitterende laag van een oled bestaat uit een speciaal type polymeer of kleine moleculen op basis van koolwaterstofverbindingen: organisch materiaal dus. Deze emitterende laag wordt tussen een positief geladen en een negatief geladen elektrode geplaatst en vervolgens afgesloten voor lucht en water. Wanneer er een elektrische stroom door de laag gestuurd wordt, licht die op.

Op dit moment worden oleds vooral gebruikt in kleine beeldschermen en displays en vormen daardoor eerder een concurrent voor lcd-schermen dan voor verlichtingstypes. De toekomst van oled als display ziet er wel veelbelovend uit: het zendt zelf licht uit, wat backlight overbodig maakt en de kijkhoek drastisch vergroot. Oled-beeldschermen kunnen ook zeer dun gemaakt worden: Samsung heeft al een 17-inch scherm getoond van slechts 18 mm dun, en ook Sony pronkte al met een 11-inch scherm met een dikte van slechts 3 mm. Een oled-oppervlakte (of het nu om een scherm of een verlichtingsmethode gaat) is bovendien buigbaar, zodat je qua design en toepassingen letterlijk alle kanten uit kan.

Denk bijvoorbeeld aan plafonds die verschillende kleuren afgeven of glazen wanden of ramen die oplichten als je met je hand een beweging maakt. In de toekomst kan men dan lichtgevende gordijnen, plafonds en meubelen ontwerpen. Door komaf te maken met grenzen, kan sfeerlicht opgenomen worden in de architectuur van het gebouw.

Er wordt dan ook verwacht dat oled in de toekomst een belangrijke lichtbron kan worden. Bij diverse bedrijven en universiteiten wordt gezocht naar een diepblauw oled-materiaal met een lange levensduur en een hoge efficiŽntie en dat bovendien aan een lage prijs aangeboden kan worden.

Naast de prijs is het grote probleempunt bij oled momenteel de levensduur. Hoewel de energie-efficiŽntie te vergelijken is met die van een gewone led-lamp, gaan oleds momenteel nog niet zo lang mee. Met brandtijden van 1000 uur (voor witte polymere oleds) en zo'n 10 000 uur (voor witte kleine-moleculen oleds) zitten oleds nog lang niet op het niveau van led-lampen.
9. Mogelijke toepassingen van led en oled fotospecial
De toekomst van led en oled ziet er veelbelovend uit, ook naast de klassieke verlichtingstoepassingen. Wij bekijken hoe deze lampen in de toekomst gebruikt kunnen worden.
Gepubliceerd op : 22 november 2011 Bron : © bouwzine.be